Site Feedback

Basics of Sentence Construction/Verbs Lessons 1&2

begrijpen = to understand, blijven = to stay, weten = to know

Ik wil
Vij willen
Ew wilt
Hij wil

ik berijp
Vij begrijpen
Ew begript
Hij begript

Ik kan niet begrijpen heel goed (I can not understand very well)

Hoe gaat het met je (how goes it with you)

Wilt u het vandaag zien

Share:

 

1 comment

    Please enter between 0 and 2000 characters.

     

    Corrections

    Continuation (I pressed "send" accidentally).

     

    Ik wil (I want)

    Jij wilt (You want)

    Hij/hij/het wil (He/she/it wants)

    U wilt (you want, formal)

    Wij willen (We want)

    Jullie willen (You want, plural)

    Zij willen (They want)

     

    Likewise, begrijpen:

    Ik begrijp

    Jij begrijpt

    Hij begrijpt

    U blijft

    Wij begrijpen

    Jullie begrijpen

    Zij begrijpen

     

    Blijven:

    Ik blijf

    jij blijft

    Hij blijft

    U blijft

    Wij blijven

    Jullie blijven

    Zij blijven

     

    Weten:

    Ik weet

    Jij weet

    Hij weet

    U weet

    Wij weten

    Jullie weten

    Zij weten

     

    Basics of Sentence Construction/Verbs Lessons 1&2

    begrijpen = to understand, blijven = to stay, weten = to know

    Ik wil
    Vij willen
    Ew wilt
    Hij wil

    ik berijp
    Vij begrijpen
    Ew begript
    Hij begript

    Ik kan niet heel goed begrijpen (I can not understand very well)

    Hoe gaat het met je? (how are you doing? goes it with you)

    Wilt u het vandaag zien?


    You've mixed up the conjugation scheme a bit, this is the full scheme:

    Ik wil (I want)

    Jij wilt


    Write a correction

    Please enter between 25 and 8000 characters.

     

    More notebook entries written in Dutch

    Show More