Site Feedback

Vervelende dag

Vandaag was een vervelende dag. Het begon toen ik mijn fiets naar de les wilde rijden. Als ik de ketting wilde afnemen, besefte ik dat beide wielen helemaal plat waren! Dus heb ik mijn auto naar de les moeten rijden. Maar de les was geweldig!

Na de les reed ik terug naar huis, maar ik had niet genoeg tijd om naar de trein te lopen, en ik moet alweer rijden. Ik had nooit naar de trein gereden, en dus wist ik niet waar ik moet parkeren. Ik vroeg het aan het personeel van de metro, en zij zei dat ik moet in een ander plaats parkeren. Ik was bang dat ik te laat voor mijn afspraak zouden komen, maar ik rende terug naar mijn auto en parkeerde op straat. In ieder geval was ik net op tijd voor mijn afspraak, en hij ging heel goed.

Nadat ik thuis kwam, en een beetje voedsel had gegeten, wilde ik wandelen, omdat ik de hele dag rond had gereden. Ik woon in een appartement, maar het is een goedkoop appartement. Toen ik naar beneden kwam, om de gebouw uit te gaan, was de buitendeur op slot! Feitelijk was de slot kapot en hij zat vast. Ik moet bellen en een reparatie aanvragen.

Twintig minuten later mocht ik (uiteindelijk!) wandelen. Er was nog licht, en het temperatuur was ideaal. ‘Nou,’ dacht ik, ‘lekker naar radio 1 streaming uit Nederland luisteren.’ Oje, geen signaal.

(Toch was het een leuke wandeling. Ik dacht over wat ik zouden schrijven op italki toen ik thuis kwam.)

Share:

 

0 comments

    Please enter between 0 and 2000 characters.

     

    Corrections

    Vervelende dag

    Vandaag was een vervelende dag. Het begon toen ik op (of: met) mijn fiets naar de les wilde rijden. Toen Als ik de ketting wilde afnemen, besefte ik dat beide wielen helemaal plat (of: leeg) waren! Dus heb ik met mijn auto naar de les moeten rijden (alternatief: heb ik de/mijn auto moeten nemen om naar de les te gaan). Maar de les was geweldig!

    Na de les reed ik terug naar huis, maar ik had niet genoeg tijd om naar de trein te lopen, dus moest en ik moet alweer rijden. Ik had nog nooit naar het (trein)station de trein gereden, en dus wist ik niet waar ik moest parkeren. Ik vroeg het aan het personeel van de metro, en zij zei dat ik op moet in een ander plaats moest parkeren. Ik was bang dat ik te laat voor mijn afspraak zouden komen (of zijn), maar ik rende terug naar mijn auto en parkeerde op straat. In ieder geval was ik net op tijd voor mijn afspraak, en hij ging heel goed.

    Nadat ik thuis kwam, en een beetje (voedsel) had gegeten, wilde ik wandelen, omdat ik de hele dag rond had gereden. Ik woon in een appartement, maar het is een goedkoop appartement. Toen ik naar beneden kwam, om de het gebouw uit te gaan, was de buitendeur op slot! Feitelijk was de slot kapot en hij zat vast. Ik moest bellen en een reparatie aanvragen.

    Twintig minuten later mocht(of: kon) ik (uiteindelijk!)* wandelen. Het/Er was nog licht, en de het temperatuur was ideaal. ‘Nou,’ dacht ik, ‘lekker naar radio 1 streaming uit Nederland luisteren.’ Oje, geen signaal.

    (Toch was het een leuke wandeling. Ik dacht (na) over wat ik zouden (gaan) schrijven op italki toen ik thuis kwam.)

     

    ---

    Heel goed gedaan. Zeer weinig foutjes.

     

    * - eindelijk --> finally

    - uiteindelijk --> eventually

     

    "Murphy's law"

     

    Write a correction

    Please enter between 25 and 8000 characters.

     

    More notebook entries written in Dutch

    Show More