Site Feedback

Vanuit mijn ervaring leren Nederlands.

 

De grote en de kleine hond zitten. Een grote vis volgt een kleine vis. Zeven kleine vissen kijken naar een grote vis. Een grote schoen en een kleine schoen. Een grote beker, een middelgrote beker en een kleine beker. Het grote slot is aan de linkerkant.
Het kleine slot is rechts.
Het middelgrote slot is in het midden. Een olifant is zwaar. Veren zijn licht. Iemand draagt zware dozen. Het is niet zwaar. Het is licht Kussens zijn zacht. Stenen zijn hard.
Deze pasta is zacht.
Deze noedels zijn hard. Dit voedsel is goedkoop. Dit eten is duur. Deze auto is duur.
Deze auto is goedkoop. Deze boom is ruw. Zijde is zacht. Deze weg is hobbelig.
Deze weg is vlak.
Het is makkelijk om te doen. Het is moeilijk om te doen. Het is makkelijk om erop te rijden.
Het is moeilijk om erop te rijden. Deze plek is rustig. Deze plek is lawaaierig. De baby is lawaaierig De baby is rustig. Deze plek is schoon. Deze plek is vuil. Iemand heeft schone schoenen. Iemand heeft vuile schoenen Dit eten is warm. Dit eten is koud.
Op deze plek is het warm. Deze plaats is koud.

http://www.youtube.com/watch?v=QQFP32v5IHc

Share:

 

1 comment

    Please enter between 0 and 2000 characters.

     

    Corrections

    No corrections have been written yet. Please write a correction!

    Write a correction

    Please enter between 25 and 8000 characters.

     

    More notebook entries written in Dutch

    Show More